opvangtekort personen met een beperking

Jan Seresia reageert op het artikel Opvangtekort naar Straatsburg in De Standaard van 14 december.

 

‘De gehandicaptenzorg neemt het niet op zijn smalst !’

Ja, er is nog een tekort aan plaatsen. Ja, sommige gezinnen vinden geen ondersteuning voor hun familielid met een handicap. Nochtans doen de voorzieningen voor personen met een beperking en de Vlaamse overheid er alles aan om de mensen met de grootste nood aan ondersteuning toch opvang te bieden en de tekorten zoveel mogelijk te verminderen.

In elke provincie in Vlaanderen is de voorbije jaren een hechte samenwerking ontstaan met alle betrokken partners. Ze zoeken samen concrete oplossingen voor personen met een ernstige meervoudige problematiek. Bij die problematiek spreken we van een combinatie van verschillende handicaps zoals een mentale handicap met zware medische en fysieke problemen, ernstige gedrag- en emotionele stoornissen of zware zintuiglijke handicaps.

Om die mensen voldoende kwaliteit van leven te bieden, is gespecialiseerde ondersteuning nodig. Dat moet in een specifiek aangepaste infrastructuur. Die zorg vraagt ook veel personeel. Niet alle voorzieningen zijn daarvoor uitgerust. Maar dat hoeft ook niet. En dat mag ook niet van elke voorziening verwacht worden. Veel personen met een handicap kunnen immers best geïntegreerd wonen en werken in de maatschappij, kort bij de eigen familie en het eigen netwerk. Dat kan met een goede ondersteuning.

De voorzieningen die zich richten tot de relatief kleine groep van mensen met de grootste nood aan ondersteuning, hebben maar één uitdrukkelijke wens: middelen aangepast aan de zorgzwaarte van de mensen die zij een opvang willen bieden. Door dat onevenwicht blijven er soms mensen langere tijd zonder opvang. De oorzaak is niet gemakzucht. Dat komt omdat de rek eruit is. De mentale en fysieke belasting van de hulpverleners die zich dag in dag uit met hart en ziel engageren, is erg groot, soms te groot.

Zodra we in Vlaanderen beschikken over een meetinstrument dat correct kan inschatten hoe zwaar de zorgvraag is en welke middelen daar voor moeten vrijgemaakt worden, zullen de voorzieningen hun verantwoordelijkheid ongetwijfeld volledig kunnen opnemen.

Soms wordt de indruk gewekt dat de Vlaamse overheid ernstig tekort schiet. Ook dat moet genuanceerd worden. Er zijn al enkele jaren budgetten vrijgemaakt om dringende oplossingen te zoeken voor mensen die plots in een noodsituatie terecht komen. Ondanks de moeilijke budgettaire toestand heeft de Vlaamse regering onder impuls van minister Vandeurzen niet minder dan 150 miljoen euro uitgetrokken voor extra plaatsen in de regeringsperiode 2010-2014. Vanaf volgend jaar zullen deze budgetten persoonsvolgend toegekend worden aan de mensen die het meest dringend ondersteuning nodig hebben. De voorzieningen zullen geen extra uitbreidingsplaatsen meer krijgen die ze zelf toewijzen. De personen met een handicap zullen een budget krijgen. Daarmee kunnen ze zelf hun zorg ‘inkopen’ bij een zorgverstrekker naar keuze. De voorzieningen staan achter deze nieuwe werkwijze. De gebruikers en hun familie zullen beter de regie kunnen voeren over de ondersteuning die ze krijgen.

Is dit alles genoeg? Ongetwijfeld niet, maar er wordt hard aan gewerkt…

 

Jan Seresia
afgevaardigd bestuurder  vzw Emmaüs